1572-07

Gouda en Oudewater waren bij eerste vrije Statenverkiezingen

Op 19 juli 1572 waren de eerste vrije Statenverkiezingen in het Dordtse Augustijnerklooster. Daarvoor kwamen vertegenwoordigers van de twaalf Hollandse steden, waaronder Gouda en Oudewater bijeen die tegen koning Filips II van Spanje opstonden. Ze erkenden Willem van Nassau, soeverein omdat hij prins was van het autonome prinsdom Orange aan de Rhône boven van Avignon als hun stadhouder. Namens Willem van Oranje nam Filips van Marnix van Sint-Aldegonde deel aan het overleg. De geuzen werden vertegenwoordigd door Willem van der Mark, Lumey. Dit was zo’n beetje het begin van de Gouden Eeuw. 

De steden besloten bij die vergadering de troepen van Oranje te financieren. De vergadering vond plaats in de refter. De stedelijke afgezanten waren van Dordrecht, Alkmaar, Edam, Enkhuizen, Gorinchem, Gouda, Haarlem, Hoorn, Leiden, Medemblik, Monnickendam en Oudewater.

Nu heet deze voormalige eetzaal, als herinnering aan de historische gebeurtenis, de Statenzaal en is het Hof van Holland, zoals het klooster nu heet, een gemeentemuseum geworden dat een bezoek meer dan waard is.

Foto Augustijnerkooster Dordrecht. Bron: Dordrechtnet.nl

Rijksmuseum: Portret van Willem van der Mark, heer van Lumey, Christian Friedrich Fritzsch, 1786

Willem van der Mark

Geuzenleider Willem van der Mark, Lumey, was een gevreesd heerschap. Deze heer van Lummen, een gemeente in Belgisch Limburg, veroverde op 1 april 1572 Den Briel, de eerste stad die in handen viel van de rebellen. Hij raasde door tot Gorinchem waar hij op 9 juli 1572 19 katholieke geestelijken ophing. Na de moord op Musius, een vriend van Willem van Oranje, werd hij begin 1573 beschuldigd van rebellie en onder protest van Gouda enkele maanden gevangen gezet in het kasteel van Gouda, waarna hij naar Slot Honingen werd verhuisd. Kort daarop is hij, tot vreugde van de Rotterdamse geuzen, vrij gelaten. In 1576 alsnog verbannen.

Lumey sterft 1 mei 1578 te bed in zijn residentie Sint Maarten in Luik. Wat hij te eten kreeg is niet bekend, maar de man hem die zijn laatste maaltijd serveerde, Herman van Rennenberg, werd door koning Filips II benoemd tot bisschop van Utrecht. Dat hij stierf aan hondsdolheid lijkt een Oranjefabel die moet benadrukken hoe driftig hij tekeer kon gaan.